Het volmaakte offer
1Want daar de wet slechts een schaduw heeft der
toekomstige goederen, niet de gestalte dier dingen zelf,
is zij nimmer in staat ieder jaar met dezelfde
offeranden, die onafgebroken gebracht worden,
degenen, die toetreden, te volmaken. 2Immers, zou
anders het offeren daarvan niet opgehouden zijn,
doordat degenen, die de dienst verrichten, na eenmaal
gereinigd te zijn, generlei besef van zonden meer
hadden? 3Doch door die offeranden werden ieder jaar
de zonden in gedachtenis gebracht; 4want het is
onmogelijk, dat het bloed van stieren of bokken zonden
zou wegnemen.
5Daarom zegt Hij bij zijn komst in de wereld:
Slachtoffer en offergave hebt Gij niet gewild, maar Gij
hebt Mij een lichaam bereid;
6in brandoffers en zondoffers hebt Gij geen
welbehagen gehad.
7Toen zeide Ik: zie, hier ben Ik – in de boekrol staat van
Mij geschreven – om uw wil, o God, te doen. (De Psalmen 40:5-7, NBG 51)
8In de aanhef zegt Hij: Slachtoffers en offergaven,
brandoffers en zondoffers, hebt Gij niet gewild, noch
daarin een welbehagen gehad, hoewel zij naar de wet
gebracht worden. 9(Doch) daarna heeft Hij gezegd: Zie,
hier ben Ik om uw wil te doen. Hij heft het eerste op, om
het tweede te laten gelden. 10Krachtens die wil zijn wij
eens voor altijd geheiligd door het offer van het lichaam
van Jezus Christus. (De brief aan de Hebreeën 10:1-10, NBG51)
Goede Vrijdag, drie dagen voor Pasen, wordt gevierd ter herdenking van de kruisiging en dood van Jezus Christus aan het kruis. In de Schriftpassage hierboven legt de schrijver van het boek Hebreeën uit waarom Jezus meer dan 2000 jaar geleden leed en stierf. Onder het oude verbond had God zijn volk een manier gegeven om gereinigd te worden van hun zonden. Maar dit offersysteem was slechts tijdelijk, totdat God Zijn enige zoon, Jezus, opofferde om Zijn leven voor ons eens en voor altijd op te offeren.
16Want alzo lief heeft God de wereld
gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft,
opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga,
maar eeuwig leven hebbe. 17Want God heeft zijn Zoon
niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld
veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde
(Het evangelie naar Johannes 3:16-17, NBG51)
Het kan gemakkelijk zijn om de woorden “Hij gaf zijn … Zoon” in Johannes 3:16 te lezen zonder volledig na te denken over hoe hij werd gegeven. Pasen is een mooie feestdag: mooie bloemen, mooie jurken, mooie snoepjes. En zo hoort het ook. Pasen is een feest van opstanding, een erkenning dat Hij die voor ons stierf nu leeft. Het wonder van vergeving en de belofte van eeuwig leven is prachtig.
Maar het offer op Goede Vrijdag was verre van mooi. De dood door kruisiging was, door het ontwerp, een langdurig proces. Uiteindelijk stierf iemand die gekruisigd werd door verstikking omdat hij niet goed kon ademen. Het gewicht van het lichaam dat op gestrekte armen en borstkas rustte beperkte de uitzetting van de longen, waardoor het moeilijk was om uit te ademen. Degenen die aan een kruis hingen probeerden zichzelf met hun voeten omhoog te duwen om op die manier adem te halen, en daarom braken de dienstdoende soldaten uiteindelijk de benen van de twee mannen die met Jezus gekruisigd waren. Hun dood duurde gewoonweg te lang.

De ademhaling wordt vrijwillig geregeld door spieren in je borst en buik. Het diafragma is de belangrijkste spier om te ademen. Het is een koepelvormige spier onder je longen die de borstholte van de buikholte scheidt. Wanneer je inademt of ademt, trekt je middenrif samen en beweegt het naar beneden. Dit vergroot de ruimte in je borstholte, waardoor de lucht naar binnen kan stromen en je longen uitzetten. Als je uitademt, ontspant het middenrif en neemt het zijn koepelvormige vorm weer aan. Als de lucht uit de longen stroomt, lopen ze vanzelf leeg, net zoals een elastische ballon leegloopt als je hem open laat.
Goede Vrijdag was geen mooi gezicht, maar Jezus als het offerlam was goed. Zijn adem verliet Hem aan het kruis, zodat de Heilige Geest nieuw leven in onze ziel kon blazen.
Voordat Jezus opsteeg naar de hemel sprak Hij deze woorden tot zijn discipelen.
44Hij zeide tot hen: Dit zijn mijn woorden, die Ik tot u
sprak, toen Ik nog bij u was, dat alles wat over Mij
geschreven staat in de wet van Mozes en de profeten
en de psalmen moet vervuld worden. 45Toen opened
Hij hun verstand, zodat zij de Schriften begrepen. 46En
Hij zeide tot hen: Aldus staat er geschreven, dat de
Christus moest lijden en ten derden dage opstaan uit
de doden, 47en dat in zijn naam moest gepredikt
worden bekering tot vergeving der zonden aan alle
volken, te beginnen bij Jeruzalem. 48Gij zijt getuigen
van deze dingen. 49En zie, Ik doe de belofte mijns
Vaders op u komen. Maar gij moet in de stad blijven,
totdat gij bekleed wordt met kracht uit den hoge. (Het evangelie naar Lucas 24: 44-49, NBG51)
Deze laatste boodschap van Jezus aan zijn discipelen is ook voor jou en mij. Deel door de kracht van de Heilige Geest het goede nieuws en breng hoop in een gebroken wereld. Bij elke ademhaling hebben we de kans om de Heer te verheerlijken en te aanbidden.
ID 349997393 | Diaphragm Breathing © Designua | Dreamstime.com